Menu

Voor wie is de regeling bedoeld?
De regeling is bedoeld voor (destijds) minderjarigen die:

  • in een pleeggezin, instelling of opvang van alleenstaande minderjarige vreemdelingen verbleven,
  • en hier tussen 5 mei 1945 en 12 juni 2019 slachtoffer werden van bovenmatig geweld.

Wilt u weten of u in aanmerking komt voor de tegemoetkoming? Bekijk dan onderaan deze pagina de voorwaarden.

Over de aanvraag
U kunt uw aanvraag indienen tot en met 31 december 2022. Dit kan digitaal of per post. Een medewerker van het Schadefonds behandelt uw aanvraag. Stuur bij uw aanvraag de juiste documenten mee, zodat wij uw aanvraag sneller kunnen behandelen.

Dien hier uw aanvraag in

Kies hoe u wilt aanvragen

U kunt het formulier snel een eenvoudig invullen met DigiD. Maar u kunt ook het aanvraagformulier downloaden, digitaal invullen en dan printen, of eerst printen en met de pen invullen. Hierna stuurt u het aan ons per post.

Let op: voeg bij uw aanvraag een bewijs toe van uw plaatsing in de instelling, het pleeggezin of de opvang. Dit kan van alles zijn. Bijvoorbeeld een voogdij-registerkaart, een bewijs van inschrijving, een vonnis, foto’s, een aangifte of adresgegevens uit die periode.

Logo DigiD
Log in met DigiD en vul het formulier in
Of download het formulier hier

Kies hoe u wilt aanvragen

U kunt het formulier snel een eenvoudig invullen met DigiD. Maar u kunt ook het aanvraagformulier downloaden, digitaal invullen en dan printen, of eerst printen en met de pen invullen. Hierna stuurt u het aan ons per post.

Let op: voeg bij uw aanvraag een bewijs toe van de plaatsing in de instelling, het pleeggezin of de opvang. Dit kan van alles zijn. Bijvoorbeeld een voogdij-registerkaart, een bewijs van inschrijving, een vonnis, foto’s, een aangifte of adresgegevens uit die periode.

Logo DigiD
Log in met DigiD en vul het formulier in
Of download het formulier hier

Hoe toon ik aan dat ik slachtoffer ben van geweld?
Als slachtoffer is het lastig om aan te tonen wat er precies is gebeurd. Zeker als het geweld lang geleden plaatsvond. Het Schadefonds houdt hier rekening mee bij de behandeling van de aanvraag. Ook kunnen wij u helpen door:

  • gegevens op te vragen bij instanties;
  • informatie van andere slachtoffers (anoniem) te gebruiken bij de beoordeling van uw aanvraag.

Emotionele ondersteuning
Op het aanvraagformulier vult u in wat u overkomen is. Dat kan zorgen voor sterke emoties. Heeft u behoefte aan emotionele ondersteuning? Neem contact op met Verbreek de Stilte, de hulplijn van Slachtofferhulp Nederland. U bereikt Verbreek de Stilte via het telefoonnummer 0900 – 9999 001.

Erkenningsmaatregelen voor slachtoffers van geweld in jeugdzorg
De financiële regeling is onderdeel van een breder pakket aan erkenningsmaatregelen. Het kabinet kondigde deze maatregelen aan na het onderzoek door Commissie De Winter. Bekijk voor meer informatie over de erkenningsmaatregelen de website van de Rijksoverheid.

Voorwaarden voor de tegemoetkoming

Veelgestelde vragen

  • Vragen over de voorwaarden
    • Welke instellingen vallen onder de regeling voor geweld in jeugdzorg?

      Onder de regeling vallen instellingen waar kinderen residentieel (overdag en ’s nachts) verbleven voor jeugdbescherming, jeugddetentie of jeugdhulpverlening.

      Voorbeelden van dit soort instellingen zijn:

      • een internaat;
      • een leef- en behandelgroep;
      • een instelling voor jeugddetentie (jeugdgevangenis);
      • een psychiatrische instelling;
      • een kloosterorde, zoals de Goede Herder;
      • een doven- en blindeninternaat.

      Let op:

      • De regeling geldt niet voor schippersinternaten en kostscholen.
      • De regeling geldt alleen voor instellingen in Europees Nederland. De regeling geldt niet voor instellingen in Caribisch Nederland (Bonaire, Sint Eustatius en Saba).
    • Welke opvangcentra vallen onder de regeling voor geweld in de jeugdzorg?

      Alleen de opvangcentra van alleenstaande, minderjarige vreemdelingen (amv-opvang) vallen onder de regeling. Daarbij gaat het om opvangcentra in Europees Nederland. De regeling geldt niet voor amv-opvang in Caribisch Nederland (Bonaire, Sint Eustatius en Saba).

    • Valt een doven- en blindeninternaat ook onder regeling voor geweld in de jeugdzorg?

      Ja. Door het vroegere overheidsbeleid konden dove of blinde kinderen geen regulier onderwijs volgen. Zij konden hiervoor alleen terecht in een doven- of blindeninternaat. Daarom stellen wij het verblijf in een doven- en blindeninternaat gelijk met een plaatsing in een instelling onder verantwoordelijkheid van de overheid.

    • Waarom vallen schippersinternaten, kostscholen en bepaalde tehuizen niet onder de regeling voor geweld in de jeugdzorg?

      De regeling geldt alleen voor instellingen waar:

      • kinderen residentieel (overdag en ’s nachts) verbleven voor jeugdbescherming, jeugddetentie of jeugdhulpverlening,
      • en kinderen onder verantwoordelijkheid van de overheid geplaatst werden.

      Dit maakt dat tehuizen waar geen jeugdbescherming, jeugddetentie of jeugdhulpverlening werd geboden, buiten de regeling vallen. In schippersinternaten en kostscholen werd nooit jeugdbescherming, jeugddetentie of jeugdhulpverlening geboden. Ook werden kinderen hier niet onder de verantwoordelijkheid van de overheid geplaatst.

    • Waarom moet het gaan om geweld ná 5 mei 1945? Daarvoor vond toch ook geweld in de jeugdzorg plaats?

      De regeling volgt uit het onderzoek van Commissie De Winter. Deze commissie heeft onderzoek gedaan naar de periode 1945-2019. Hier sluit de regeling bij aan. Daarnaast was de Nederlandse overheid gedurende de oorlogsperiode niet verantwoordelijk. Ook eerdere regelingen golden daarom vanaf 1945.

      Begon het geweld vóór 1945, en was er ook na 1945 nog sprake van geweld? Dan raden wij u aan om wel een aanvraag te doen.

    • Wat betekent plaatsing onder verantwoordelijkheid van de overheid?

      Dit betekent dat een kind in een pleeggezin, instelling of opvang voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen moest verblijven vanwege een beslissing van:

      • de rechter,
      • de officier van justitie,
      • de burgemeester,
      • of de aangewezen (gezins)voogd of voogdij-instelling.

      Voor instellingen geldt dat niet alle kinderen hier geplaatst werden door de overheid. Sommige kinderen werden bijvoorbeeld geplaatst op verzoek van de ouders. In enkele gevallen verbleven ze daar samen met kinderen die daar gedwongen waren geplaatst. Op welke manier de plaatsing ook was, alle kinderen ondergingen hetzelfde regime. Daarom zou het onredelijk zijn als het ene kind wel en het andere de kind niet in aanmerking zou komen voor de regeling.

      Ook kinderen die destijds vrijwillig in een instelling hebben verbleven, kunnen een aanvraag doen voor de tijdelijke regeling slachtoffers jeugdzorg. Voorwaarde is wel dat er tijdens het verblijf andere kinderen in de instelling verbleven, die daar geplaatst waren door de overheid.

      Doorplaatsing door Z.M.O.K-scholen
      Wanneer een kind door een (speciale) onderwijsinstelling, zoals Z.M.O.K.-scholen, in een instelling of pleeggezin werd geplaatst, dan wordt dit volgens de tijdelijke regeling niet gezien als een plaatsing onder verantwoordelijkheid van de overheid. Z.M.O.K-scholen hadden/hebben geen bevoegdheid tot gedwongen plaatsing. Als een kind op advies van een dergelijke instantie is geplaatst, valt dit juridisch onder een vrijwillige plaatsing.

      Als er in de instelling ook andere minderjarigen verbleven die hier wél onder verantwoordelijkheid van de overheid zijn geplaatst, dan kan er een aanvraag ingediend worden.

    • Kom ik in aanmerking als in de instelling waar ik verbleef civiel- en strafrechtelijk geplaatste kinderen samen verbleven?

      De regeling is bedoeld voor slachtoffers van bovenmatig geweld en dwangarbeid in de jeugdzorg. Het enkele feit dat deze kinderen samen in een instelling hebben verbleven, betekent niet dat daar sprake van is. Per individuele aanvraag zal worden getoetst of er ten aanzien van de aanvrager sprake is geweest van bovenmatig geweld of dwangarbeid. Het gaat er namelijk om wat u is overkomen.

    • Was ik minderjarig tijdens het geweld in de jeugdzorg?

      U was minderjarig wanneer u tijdens het geweld jonger dan 18 jaar was. Vond het geweld plaats vóór 1 januari 1988? Dan geldt dat u minderjarig was in de leeftijd tot 21 jaar.

    • Wat verstaat het Schadefonds onder bovenmatig geweld of ongeoorloofde dwangarbeid?

      De definitie van geweld is met de tijd veranderd. Zo wordt een tik op de vingers nu als onacceptabel gezien, maar was dit in de jaren ’50 een ‘normaal’ onderdeel van de opvoeding. De regeling slachtoffers jeugdzorg is daarom alleen bedoeld voor bovenmatig geweld. Dit wil zeggen dat het geweld, óók in de tijd waarin het gebeurde, niet acceptabel was. Of dat het geweld zeer vaak voorkwam.

      Daarbij zijn er vier vormen van geweld:

      • fysiek geweld (bijvoorbeeld slaan of steken);
      • seksueel geweld (bijvoorbeeld aanranding of verkrachting);
      • psychisch geweld (bijvoorbeeld vernedering of bedreiging);
      • dwangarbeid (verplicht werk moeten verrichten).

      Voor dwangarbeid geldt dat het moet gaan om ongeoorloofde dwangarbeid. Minderjarigen met een gevangenisstraf mogen namelijk verplicht worden om te werken. Het moet dan gaan om werk dat geschikt is voor jongeren, met als doel om de jongere iets te leren.

    • Waarom duurt de regeling twee jaar?

      Dit heeft de minister van Rechtsbescherming besloten, om slachtoffers voldoende tijd te geven voor de aanvraag.

    • Ik heb eerder een financiële tegemoetkoming gekregen van het Schadefonds. Kan ik daarnaast ook een aanvraag indienen voor de regeling voor slachtoffers van jeugdzorg?

      Dat kan inderdaad. Houd er rekening mee dat, als het om dezelfde situatie gaat, u niet twee keer een tegemoetkoming kunt krijgen. De twee tegemoetkomingen worden dan met elkaar verrekend.

    • Ik ben nabestaande van een slachtoffer van geweld in de jeugdzorg. Kan ik een aanvraag indienen?

      Dit kan alleen wanneer uw naaste is overleden in de periode tussen de aankondiging van de regeling (21 februari 2020) en de start van de regeling (1 januari 2021). In dat geval ontvangt de gevolmachtigde nabestaande de tegemoetkoming. U vraagt de tegemoetkoming aan via de pagina Aanvraag indienen.

      Heeft uw naaste een aanvraag voor deze regeling ingediend, maar overlijdt hij of zij tijdens de behandeling van de aanvraag? Ook dan ontvangt, bij een positieve beslissing, de gevolmachtigde nabestaande het geld.

    • Wat is een gevolmachtigde?

      Een gevolmachtigde kan namens andere personen handelen. Hij of zij kan met een document (de volmacht) aantonen dat dit zo is afgesproken.

      Wilt u als nabestaande een aanvraag doen voor de tijdelijke regeling slachtoffers jeugdzorg? En zijn er naast u meerdere nabestaanden? Dan hebben wij een kopie van uw volmacht nodig. U kunt de volmacht regelen bij een notaris, maar u kunt ook samen met de andere nabestaanden zelf een volmacht maken.

    • Mijn kind is slachtoffer van geweld in de jeugdzorg. Kan ik als ouder ook een tegemoetkoming krijgen?

      Nee, als ouder of ander familielid kunt u geen tegemoetkoming krijgen. De regeling is alleen bedoeld voor:

      • slachtoffers van geweld in de jeugdzorg;
      • nabestaanden van deze slachtoffers.

      Wilt u uw kind graag helpen bij zijn of haar aanvraag? Dat kan natuurlijk wel. Bekijk hiervoor Mag iemand namens mij een aanvraag indienen?.

  • Vragen over de aanvraag
  • Vragen over de tegemoetkoming
    • Gaat het Schadefonds over de hoogte van het bedrag dat wordt uitgekeerd?

      Nee. De minister van Justitie en Veiligheid en de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport maken samen de speciale regeling voor geweld in de jeugdzorg. Zij bepalen ook de hoogte van het bedrag. Het Schadefonds kijkt alleen of iemand in aanmerking komt: zo ja, dan keert het Schadefonds het vastgestelde bedrag uit.

    • Ik ontvang een uitkering of toeslag. Heeft een tegemoetkoming voor het geweld in de jeugdzorg hier invloed op?

      Moet ik de tegemoetkoming voor het geweld in de jeugdzorg melden in mijn belastingaangifte?
      Nee, u hoeft de tegemoetkoming die u van het Schadefonds krijgt niet op te geven bij de Belastingdienst. De tegemoetkoming is in principe belastingvrij. Dit wordt namelijk niet als inkomsten gezien.

      Bijstandsuitkering en toeslagen
      De tegemoetkoming heeft geen invloed op een bijstandsuitkering en toeslagen. Overschrijdt u door de tegemoetkoming de vermogensgrens van uw toeslag? Dan is het wel belangrijk dat u zelf aan de Belastingdienst meldt dat u het bedrag van € 5.000 heeft gekregen vanuit deze regeling. Dit doet u met het formulier Verzoek Bijzonder vermogen toeslagen.

      Overschrijding van de vermogensgrens
      Per toeslag geldt een andere vermogensgrens. Voor de huurtoeslag is de vermogensgrens op dit moment € 31.340 zonder toeslagpartner en € 62.680 samen met een toeslagpartner. Verwacht u dat u door de tegemoetkoming de vermogensgrens passeert? Vul dan het formulier Verzoek Bijzonder vermogen toeslagen in op de website van de Belastingdienst. Dit kan tot vijf jaar na het berekeningsjaar. Voor overige toeslagen, zoals zorgtoeslag en kindgebonden budget, ligt de vermogensgrens veel hoger (voor veel gezinnen met en zonder toeslagpartner boven de € 100.000). De kans dat de tegemoetkoming bij deze toeslagen problemen geeft voor de vermogenstoets, is erg klein.

      Aanwijzingen voor het formulier Verzoek bijzonder vermogen toeslagen

      • Vul bij vraag 3c het bedrag van € 5.000 in.
      • Meld bij vraag 3d dat het gaat om een tegemoetkoming voor slachtoffers van geweld in de jeugdzorg door het Schadefonds Geweldsmisdrijven.
      • Stuur met het formulier een kopie mee van de beslissing van het Schadefonds.

      Als de vermogensuitzondering eenmaal is toegekend, hoeft u deze in de jaren daarna niet opnieuw aan te vragen. Ook in alle volgende jaren wordt dit deel van uw vermogen buiten de vermogenstoets gelaten.

      Wajong- en WIA-uitkeringen
      Voor zowel Wajong- als WIA-uitkeringen geldt dat deze nooit worden verrekend met de tegemoetkoming van het Schadefonds.

      Schuldsanering en schuldhulpverlening
      Voor de schuldsanering en schuldhulpverlening ligt dit anders. Het kan zijn dat de tegemoetkoming gebruikt wordt om (een deel van) de schulden af te lossen. U kunt het geld dan niet vrij besteden, maar de tegemoetkoming helpt wel bij het oplossen van de financiële problemen. De gemeente of uw bewindvoerder beslist hierover.

      Rechtsbijstand
      Hoogte bijdrage in de kosten voor rechtsbijstand
      De Raad voor Rechtsbijstand kijkt naar uw inkomen en vermogen als er een aanvraag voor u wordt gedaan voor een bijdrage in de kosten van een mediator of advocaat. Uw inkomen en vermogen wordt hiervoor opgevraagd bij de Belastingdienst. De Belastingdienst geeft uw inkomen en vermogen van twee jaar geleden door aan de Raad. Omdat u de tegemoetkoming die u van het Schadefonds krijgt niet hoeft op te geven bij de Belastingdienst, wordt de tegemoetkoming niet meegenomen bij het bepalen van de hoogte van uw bijdrage voor rechtsbijstand.

      Uitzondering bij resultaatbeoordeling
      De opbrengst uit een zaak is het financiële resultaat. De Raad bepaalt na afloop van de zaak aan de hand van het financiële resultaat, wie de kosten van de mediator of advocaat moet betalen. Dit heet resultaatbeoordeling. Een tegemoetkoming bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven wordt uitgezonderd van een resultaatbeoordeling. Het maakt hierbij niet uit of de tegemoetkoming is aangevraagd ten behoeve van het slachtoffer of van zijn of haar nabestaanden.

    • Het geweld in de jeugdzorg heeft bij mij gezorgd voor ernstig letsel. Krijg ik daarom een hogere tegemoetkoming?

      Nee, de tegemoetkoming is een vast bedrag. Dit is besloten in samenspraak met slachtoffers. Op deze manier wordt ieder slachtoffer gelijk behandeld. Daarnaast vond het geweld vaak lange tijd geleden plaats. Dat maakt het voor veel slachtoffers lastig om de ernst van het letsel aan te tonen.

  • Vragen over het Schadefonds